Bereiding
- Maak de boemboe: pureer sjalot, knoflook, gember, laos, peper, kurkuma en ketoembar tot een gladde pasta (met een staafmixer of vijzel).
- Verhit een ruime pan met wat olie en bak de boemboe enkele minuten tot 'ie geurt.
- Voeg het vlees toe en schroei het rondom dicht.
- Giet de kokosmelk erbij. Voeg de gekneusde sereh en de djeroek poeroet-blaadjes toe.
- Breng aan de kook en laat dan op het laagste vuur minstens 2 uur zachtjes pruttelen, af en toe roeren.
- De saus wordt steeds dikker en donkerder. Laat aan het einde bijna droogkoken, zodat het vlees gaat 'bakken' in de olie — dat is echte rendang.
- Breng op smaak met zout en een beetje palmsuiker. Serveer met witte rijst.
Tip van Rempahuis: rendang is de volgende dag nóg lekkerder. Maak gerust een dubbele portie en bewaar in de koelkast.